Algemeen
| In de zomermaanden is het erg druk op en rond de kuststroken van de regio Haaglanden. Gedurende deze drukke periode is het kustdetachement van de politie Haaglanden operationeel, dit is een tijdelijk detachement dat van juni tot september actief is. Het kustdetachement bestaat uit 35 medewerkers van de politie, zij hebben gesolliciteerd naar een plek bij het kustdetachement. Buiten het seizoen zijn deze mensen werkzaam bij bureau's in de hele regio. |
|
Werkzaamheden |
|
Posthuizen |
|
Vierwiel aangedreven voertuigen
|
|
Brandingsreddingsboten
|
|
Reddingen Indien er een persoon, op midden afstand (max. 150 meter), in nood is zullen de twee strandjeeps door het posthuis naar de desbetreffende locatie gestuurd worden. In de melding aan de strandjeeps wordt meegegeven dat er een drenkeling bij een bepaalde golfbreker ligt, tevens wordt aangegeven of dit ten Noorden of ten Zuiden van de betreffende breker is. |
|
De twee strandjeeps zullen met toestemming (gebruik zwaailicht en sirene) naar de opgegeven locatie gaan. De bestuurder van de strandjeep die als eeste ter plaatse is wordt automatisch commandant van de redding, de bijrijder wordt de voorzwemmer. De voorzwemmer heeft zich aanrijdend al omgekleed en gaat bij aankomst met een redvest het water in, het doel van de voorzwemmer is om zo snel mogelijk bij de drenkeling te zijn om het 'drijvend eiland' te vormen. Gedurende de redding zal de commandant op het dak van het voertuig staan, vanaf deze plek kan hij over de golven heen kijken en de redder aansturen. Bij hoge golven kan het namelijk voorkomen dat de voor- en/of lijnzwemmer de drenkling (of het drijvend eiland) niet ziet, indien deze dan verkeerd zwemt kan de commandant op de lichtbalk een knop indrukken zodat er een wail (amerikaanse sirene) aan gaat. Als dit signaal gegeven wordt zal de voor- of lijnzwemmer zich omdraaien, de commandant geeft vervolgens met een vlag aan welke kan hij/zij op moet. |
De bestuurder van de tweede strandjeep wordt de haspelman, de bijrijder wordt de lijnzwemmer. Bij aankomst helpt de haspelman de lijnzwemmer met het omdoen van het redtuigje, aan dit redtuigje zit een lijn vast die op het strand op een haspel zit. Op aangeven van de commandant zal de lijnzwemmer op een aangewezen plek te water gaan. Als de lijnzwemmer de drenkeling en voorzwemmer bereikt heeft zullen deze contact maken waarna de haspelman ze via de lijn naar binnen haalt.
Tijdens de redding wordt er gebruik gemaakt van vier tekens, te weten; vast (drijvend eiland gevormd en lijnzwemmer heeft contact met het drijvend eiland), langzamer binnenhalen, sneller binnenhalen en los (geen contact met drijvend eiland). Dit zijn internationale tekens en worden overal ter wereld gebruikt, dit om verwarring te voorkomen.
Categorie: Achtergrond